Menu Sluit
EN

laten we ons uit de coronakrimp investeren

Op naar een Rotterdamse new deal

beste huurders,

Ook afgelopen week heeft het kabinet gesproken. Met een boodschap die een sprankje hoop bracht. De basisscholen mogen weer voorzichtig, er mag beperkt weer wat gesport worden. Maar in dezelfde boodschap hebben we te horen gekregen dat festivals en andere publieksevenementen tot 1 september stilliggen. En dat doet, voor velen die het tot nu toe uit konden zingen, pijn.

Een week eerder hadden we ook al een dubbele boodschap van het kabinet. We moeten, denk ik, oprecht blij zijn met 300 miljoen euro extra, voor cultuur. Ook al zal het niet alle zorg wegnemen, dat geld komt als hulp in bange dagen. Maar, en daar wordt het wat dubbel, we weten nu ook dat de minister haar hulp primair richt op wie ze al kent, op de instellingen die sowieso al subsidie krijgen. En daarin volgt ze keurig de beleidslijnen. Misschien kan het ook niet anders.

Toch merk ik dat ik er moeite mee heb. Het is mooi dat degenen die al erkend en ondersteund worden hulp krijgen. Maar degenen die niet al ondersteund werden komen er bekaaid af. Ik heb het dan niet alleen over geld – hoe belangrijk ook – maar ook over aandacht. Het was nu de tijd geweest om een genereus gebaar te maken, een uitspraak te doen over het belang van de kunst en cultuur. Om als Rijk te zeggen: jullie, kunstenaars, ontwerpers, creatieven, jullie doen ertoe, nu meer dan ooit. Met ook voor deze sector de boodschap: zorg een beetje voor elkaar. Dat miste ik.

Wat landelijk lastig is, moeten we dan misschien in Rotterdam zelf doen. Tijdens de eerste Coronamaanden, waarin alles is stilgelegd, keek iedereen vooral naar de kosten. Die moesten omlaag, wat heel verstandig is, als je geen inkomsten hebt. Maar dat is niet vol te houden. Zeker in de culturele sector is de bodem snel bereikt, en niet zelden is het de zelfstandige die dat als eerste merkt: al die mensen die de cultuur overeind houden zijn de individuele makers, de kunstenaars, de creatieven die niet vertegenwoordigd zijn in de subsidies. In plaats van de culturele economie verder stil te leggen door nog meer te snijden in kosten, hebben we er meer baat bij als we de economie laten draaien.

Ik zie dat dit al wel gebeurt, her en der. Dat er initiatieven zijn die anderen helpen bij het verdienen, in plaats van vragen om het voor minder te doen. Droom en Daad gaf al snel opdrachten uit, Architectuurcentrum AIR laat studies uitvoeren en het CBK werkt aan een Tijdelijke werkbijdrage Productie, Presentatie en Research (PPR) voor Rotterdamse beeldend kunstenaars. Dat zijn stuk voor stuk mooie initiatieven. Goede stappen, maar ook, eerste stappen. Nu verder.

Rotterdam moet weer gaan investeren denk ik dan. En daarmee bedoel ik iedereen in Rotterdam; inwoners, bedrijven, instellingen en, ook, de gemeente. Generositeit, leerde ik afgelopen jaar, begint bij een groot hart, maar wordt echt waardevol als het helpt nieuwe dingen te genereren. Dat kan door nu te investeren in de cultuur van straks. Laten we doorschakelen. Van “hou ons overeind” naar “help ons investeren”. Van die goede eerste stappen naar een Rotterdamse ‘new deal’. Van afzonderlijke initiatieven naar een pact van opdrachtgevers en makers. Zodat we beter uit de Coronakramp komen dan we er in gingen. Wij gaan ervoor, en ik ben heel benieuwd naar jullie ideeën. Laten we een beetje voor elkaar blijven zorgen, ook straks.

 

Nobody, Vielvoij&Tempelaar, Bernadette Van Wijlen, an.nur

fotoproject Nobody, Rotterdamse ontwerpen in tijden van Corona; Julie Vielvoije&Iris Tempelaar, Bernadette Van Wijlen, an.nur.